Permanente vorming in de eerstelijnszorg

Permanente vorming (ook wel permanente educatie, navorming of bijscholing genoemd) is bedoeld om de beroepskennis in de snel evoluerende eerstelijnszorg continue te actualiseren. We onderscheiden twee soorten, namelijk formele en informele permanente vorming. Met de informele vorming wordt bedoeld het permanent reflecteren over het eigen handelen en het terugkoppelen van de opgedane ervaring naar de wetenschappelijke theorie. De formele vorming verwijst naar het opdoen van kennis of het oefenen van vaardigheden. Alle vormingsactiviteiten die niet leiden tot een erkend diploma of getuigschrift, worden vaak onder de term formele permanente vorming gebundeld.

Waarom permanente vorming in de eerstelijnszorg?

Permanente vorming biedt, in tegenstelling tot de basisopleiding, flexibiliteit om ter plekke in te spelen op de snel evoluerende ontwikkelingen in de eerste lijn. Deze opleidingen kunnen worden aangeboden door beroeps-, gezondheids- en welzijnsorganisaties, overheids- en kennisinstellingen. De Academie wil in samenwerking met organisaties voor en in de eerste lijn een pakket van permanente vormingen uit te werken die de kwaliteit van de zorgverlening blijft garanderen.

Hoe?

Door co-creatie wordt door en voor de eerstelijnszorg vormingen ontworpen en aangeboden. In eerste instantie met de focus op doelgericht werken, zelfmanagement en samenwerking in de eerstelijnszorg. Anderzijds staat de Academie open voor andere vormingsnoden binnen de eerste lijn.
Co-creatie wil zeggen dat we eerst in kaart brengen wat momenteel al voorhanden is voor de eerste lijn. Ten tweede vragen we aan zorgverleners en zorgvragers binnen de eerste lijn waar ze nood aan hebben, om vervolgens samen met hen een aanbod uit te werken. Dit aanbod kan variëren in duur, locatie en werkvorm, denk maar aan e-learning, blended learning, webinars, workshops, excursies, veldbezoeken, …

Contact

Binnen de Academie Voor De Eerste Lijn wordt het domein levenslang leren uitgewerkt en ingevoerd door zes hogescholen (Arteveldehogeschool, Hogeschool Gent, Hogeschool UC Leuven-Limburg, Hogeschool VIVES, Karel de Grote Hogeschool en Thomas More Hogeschool), vier universiteiten (Universiteit Antwerpen, Universiteit Gent, KU Leuven en Vrije Universiteit Brussel) en Witgele-Kruis Vlaanderen.